menu
 winkelmandje 

Roland van Vliet 

Het zal in 1988 of 1989 zijn geweest dat ik gebeld werd en een schuchtere jongeman aan de lijn kreeg die met een licht Limburgs accent sprak. Hij belde mij over een klein tijdschriftje dat ik destijds uitgaf, Graalschrift, een tijdschriftje over de graal. In dat tijdschriftje kwam, vanzelfsprekend voor wie thuis is in de materie, ook het manicheïsme ter sprake, en daarover ging het telefoongesprek dat Roland van Vliet, want dat was de schuchtere jongeman, en ik voerden. Het telefoontje eindigde met mijn uitnodiging aan hem om in de toekomst in het tijdschriftje te schrijven.

Vele jaren later, in de zomer van het jaar 2000 ontmoette ik Roland pas ‘in het echt’, toen ik hem en Ger van der Pas (van De Zonneboom in Leiden) interviewde over hun gezamenlijke initiatief, de Academie voor Sociale Kunst.

In de jaren daarop zag en sprak ik hem een enkele keer. Ik ging zelf ook les geven in het kader van de Academie voor Sociale Kunst, maar dat was in de tijd dat Roland daar vertrokken was en met zijn Manisola Instituut nieuwe paden bewandelde. Zo ergens in 2002 sloten we, hij als auteur, ik als uitgever, een overeenkomst over de uitgave van een boek: Wie denken de mensen dat Ik Ben?

Ik had inmiddels, sinds 1989, enige ervaring opgedaan als uitgever, en juist als kleine uitgever moest ik leren met mijn tijd te woekeren. Toen ik dan ook, enige tijd na het ondertekenen van de overeenkomst met Roland, zijn manuscript ontving met daarbij het bericht dat hij er nog niet mee klaar was, zei ik hem dat ik met zijn tekst aan het werk zou gaan wanneer hij er zelf mee klaar zou zijn. Zo ontving ik in de daaropvolgende maanden de ene na de andere versie van het manuscript. Iedere versie die ik ontving was omvangrijker. Het boek werd alsmaar dikker! Steeds vroeg ik aan Roland: ‘Is het nu klaar, of wil je er zelf nog een keer doorheen?’. Dat laatste was iedere keer het geval. Of hij antwoordde: ‘Ik ben klaar, maar er moet alleen nog één hoofdstuk aan worden toegevoegd, dat kan niet anders’.

Hoeveel tijd er zo verstreek staat me niet meer precies bij. Anderhalf jaar of meer. Uiteindelijk zagen we elkaar weer en vertelde Roland mij, met enige aarzeling, dat hij liever met zijn manuscript naar een andere uitgever wilde. Ik dacht aan de door hem en mij ondertekende overeenkomst die we hadden gesloten, en aan ons allereerste gesprek door de telefoon, over het manicheïsme. Ik dacht ook aan het feit dat een uitgeverij als Christofoor veel meer zou kunnen betekenen voor een auteur als Roland dan ik, en ik dacht aan dat alsmaar uitdijende manuscript: heel gróót voor een kleine uitgever.

In volledige overeenstemming ontbonden we onze overeenkomst.

Een artikel in Graalschrift, dat een mogelijk gevolg had kunnen zijn van ons eerste telefonische contact, is er nooit van gekomen. Toen ik in 2013 een bundel met artikelen uit dit tijdschrift uitgaf, die werd aangevuld met een handjevol nieuwe artikelen, kwam het er wel van - in deze bundel publiceerde Roland zijn artikel De moderne graalsmens.

De laatste keer dat ik Roland ontmoette was enkele jaren geleden, in Den Haag. Met z’n vieren, Roland, Ger van der Pas, Christine Gruwez en ik, probeerden we vanuit een gedeelde interesse in aspecten van het manicheïsme, vooruit te kijken naar iets dat we hierin gezamenlijk zouden kunnen ondernemen. Dat dat er niet van zou komen, konden we toen nog niet weten... Roland overleed op 18 april 2016.

(John Hogervorst, 2016)